Past Continuous / Past Progressive

Vorm

bevestigende/ontkennende/vragende zinnen

was/were + tegenwoordig deelwoord (she was drinking tea)

was not/wasn’t/were not/weren’t + tegenwoordig deelwoord (she wasn’t drinking tea)

was I/he/she/it + tegenwoordig deelwoord? were you/we/they + tegenwoordig deelwoord? (was she drinking tea?)

Oefeningen

Oefenen met de vorm van de Past Continuous of Past Progressive (I was going) (elementary)

Misschien vind je onderstaande pagina’s met oefeningen nuttig:

  • oefeningen met was / were 
  • oefeningen met de Present Continuous of Present Progressive (I am going)
  • oefeningen met de Simple Past (I went) en de Past Continuous (I was going)