Simple Past en Past Continuous

wanneer gebruik je de Simple Past

  • als een handeling of gebeurtenis in het verleden afgesloten werd (I saw him yesterday.)
    signaalwoorden: yesterday, …….. ago, when …., last week / month / year, in 2018 (het gaat in alle gevallen om een tijdstip in het verleden)
  • voor een gewoonte in het verleden (She always walked to school)

wanneer gebruik je de Past Continuous

  • iets was aan de gang op een bepaald moment in het verleden (I was having a bath at eight.)
  • iets was aan de gang in het verleden en werd onderbroken. Het is onduidelijk of de handeling voltooid werd. (I was having a bath when the phone rang.)
  • bij beschrijvingen (I was sitting in my chair, and I was quietly reading my newspaper, when suddenly there was a knock on the back door.)
  • je wilt irritatie uitdrukken over een terugkerende gewoonte in het verleden (you were always smoking inside!)


LET OP: De continuous wordt alleen gebruikt worden bij werkwoorden die een zekere duur uitdrukken en die handelingen beschrijven waarover je zelf controle hebt . De continuous gebruik je dus niet bij

  • werkwoorden die een zintuiglijke waarneming uitdrukken (see, hear, feel, etc.)
  • werkwoorden die gevoelens en emoties uitdrukken (love, hate, fear, hate, etc.)
  • werkwoorden die bezit uitdrukken (own, possess, etc.)
  • werkwoorden die begrip, herinnering, voorkeur, kennis uitdrukken (mean, know, believe, forget, understand, appreciate, etc.)

Oefeningen

Oefenen met de Simple Past (he went) en de Past Continuous (he was going) (elementary)

  • oefening 1: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 2: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 3: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 4: invuloefening met de simple past en de past continuous

Oefening 5 – 9  zijn Flashfilmpjes die je op mobiel of tablet niet kunt zien.

  • oefening 5: herken een simple past of past continuous
  • oefening 6: sleur en pleur oefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 7: sleur en pleur oefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 8: sleur en pleur oefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 9: sleur en pleur oefening met de simple past en de past continuous

Oefenen met de Simple Past (he went) en de Past Continuous (he was going) (intermediate)

  • oefening 10: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 11: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 12: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 13: multiple choice oefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 14: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 15: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 16: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 17: invuloefening met de simple past en de past continuous
  • oefening 18: invuloefening met de simple past en de past continuous

Nuttige pagina’s